BESLAGLEGGING HUIS TOPADVOCAAT KOLLE AFGEWEND
Advocatenkantoor Kennedy van der Laan te Amsterdam heeft zijn voormalige managing partner Till Kolle voorlopig niet gedwongen uit zijn huis in Amsterdam-Zuid te vertrekken. Het kantoor had medio 2003 executoriaal beslag op het kapitale (1,2 mio Euro) pand aan de Prinses Margrietstraat 10 (direct tegenover station WTC midden op de Zuidas) laten leggen omdat Kolle zijn oude kantoor nog geld schuldig was. (zie het vorige stuk over de rise and fall van deze topadvocaat) Op de vraag of dit nu ook betekent dat het conflict de wereld uit is antwoorden zowel Kolle als Kennedy-bestuurder Gerrard Boot met de ondubbelzinnige woorden ?hierop geven wij geen enkel commentaar?. Kolle wil nog wel kwijt dat ?Kennedy zich in deze zaak heel nobel heeft opgesteld?.
De precieze achtergronden van het conflict zijn nooit duidelijk geworden. Kolle heeft toegegeven Kennedy nog geld verschuldigd te zijn, een schuld die gemakkelijk zou kunnen worden verrekend met toekomstige winstdelen als hij bij Kennedy was gebleven. De vraag waarom hij voorjaar 2002 het kantoor dan opeens (als MP!) stante pede verliet zonder iemand uitleg te geven blijft echter levensgroot aanwezig. Bronnen binnen Kennedy hebben verklaard dat Kolle grote verliezen heeft geleden op de effectenbeurs en zich met kantoorgeld heeft willen compenseren. Eind jaren negentig vertrok Kolle ook al onder dubieuze omstandigheden bij het kantoor Van der Steenhoven Kolle Gilhuis dat hij zelf mede had opgericht. Jan Van der Steenhoven noemde Kolle in Quote (december 2003) ?een gevaar voor de advocatuur?. Thans maakt Kolle deel uit van het Duitse kantoor Heitmann von Meding. Is een en ander aanleiding voor de Amsterdamse deken om onderzoek in te stellen naar de handelwijze van Till Kolle? Deken Hans van Veggel (Stibbe): ?Hierop geef ik geen enkel commentaar.?
Onduidelijkheid is er ook over een van Kolle?s nevenfuncties: rechter-plaatsvervanger te Alkmaar. Hij komt immers niet voor op de officiele lijst op www.rechtspraak.nl. Hoe zit dat? Een woordvoerder van de rechtbank: ?Hij is inderdaad rechter-plaatsvervanger, en wel in de sector civiel, maar hij wordt nooit ingezet. Hij is wat we noemen een plaatsvervanger-honorair. Dat zijn meestal advocaten die erg hechten aan de titel maar niet worden ingezet.?

















Hoe weet je dat de dingen zijn zoals men doet voorkomen? Het lijkt mij heel moeilijk te bepalen of deze advocaat geheel “fout” is, zoals men in dit stuk doet voorkomen. Het feit dat hij Van der Steenhoven partner was geweest zegt net zo weinig daarover. Mocht de heer Kolle werkelijk fout hebben gehandeld, dan zal daar het recht wel naar handelen. Ook staat in dit stuk vermeld dat hij plaatsvervangend rechter zou zijn, maar niet is ingezet. Dit gebeurt natuurlijk wel vaker en het zou dan ook geen stand houden om dat in te zetten als feit.
Executoriale verkoop Advocatenkantoor B. in het arrondissement Arnhem
De raad van toezicht arrondissement Arnhem krijgt eindjaren 80/beginjaren 90 te maken met B’s tuchtrechtelijke vergrijpen. Zij doen vooraf aan B’s patronaatsgoedkeuring alle moeite hem van het tableau geschrapt te krijgen. B. krijgt een enkele waarschuwing. B. wordt berispt. B. wordt geschorst. B. mag drie maanden zijn advocatenpraktijk niet uitoefenen. B’s advocatenkantoor wordt executoriaal verkocht. Tuchtrechter Poelmann en mijn vakbroeders en -zusters uit de raad van toezicht onthouden mij informatie.
Het Gerechtshof Arnhem veroordeelt B. tot 15 maanden gevangenisstraf wegens lijkenpikkerij.
B. is advocaat van mw H. Haar man komt om bij de grootste vliegtuigramp uit de Surinaamse geschiedenis. De verzekeraar keert fl. 400.000,- uit. B. stort dit bedrag onmiddellijk op zijn Duitse bankrekening (Kleve). Tijdens huiszoeking worden bankkluissleutels (ABN/AMRO) gevonden. B’s moeder huurt de kluis. Na opening worden Duitse bankpapieren gevonden. B. en zijn zus/persoonlijk secretaresse worden ter plekke gearresteerd. Zij verdwijnen in de politiecel.
Het Gerechtshof schopt B. de advocatuur uit. De samenleving moet tegen hem worden beschermd. Mr Winfried M. Poelmann, tuchtrechter raad van discipline Arnhem geeft mij deze bescherming niet. Hij verleent goedkeuring aan B’s patronaatschap. Tuchtrechter Poelmann is voorzitter. De gehele raad is daardoor gebonden.
Het is een zooitje op B’s advocatenkantoor. Mijn pogingen de situatie intern op te lossen misslukken. Ik wend mij tot mr Winfried M. Poelmann.
Een fatale stap.
aldus: mr hjam peters/alias mr raapie
(uit: Flyer “B-affaire en de rol van de raad van toezicht in het arrondissement Arnhem)